Blog

Voltooid Tegenwoordige Tijd Conjunctief in het Spaans

Spaans Voltooid Tegenwoordige Tijd Conjunctief. Leer alles over het vormen en de gebruiken van de Spaanse Voltooid Tegenwoordige Tijd Conjunctief.

In termen van tijd gebruiken we de conjunctief in de voltooid tegenwoordige tijd wanneer het hoofdwerkwoord (in de hoofdzin) in de tegenwoordige, toekomstige, voltooid tegenwoordige of gebiedende wijs staat en het conjunctief werkwoord (in de bijzin) verwijst naar een actie dat reeds is afgerond.

Het vormen van de Spaanse Conjunctief in de Voltooid Tegenwoordige Tijd

De Spaanse conjunctief in de voltooid tegenwoordige tijd heeft een samengestelde structuur dat het werkwoord "haber" (hebben... ) met het voltooid deelwoord van het hoofdwerkwoord van de zin combineert.

  • conjunctief van het helpende werkwoord "haber" + voltooid deelwoord van het hoofdwerkwoord

conjunctief van "haber"

\+ voltooid deelwoord

(voorbeeld: estudiar)

vertaling

yo

haya

\+ estudiado

Ik heb gestudeerd

hayas

Jij hebt gestudeerd

él, ella

haya

Hij/zij heeft gestudeerd

nosotros/as

hayamos

Wij hebben gestudeerd

vosotros/as

hayáis

Jullie hebben gestudeerd

ellos, ellas

hayan

Zij hebben gestudeerd

Het gebruiken van de Spaanse Conjunctief in de Voltooid Tegenwoordige Tijd

Zoals gezegt aan het begin van de pagina, gebruiken we de voltooid tegenwoordige tijd conjunctief wanneer:

  • het hoofdwerkwoord (in de hoofdzin) in de tegenwoordige, toekomstige, voltooid tegenwoordige of gebiedende wijs staat
  • het conjunctief werkwoord (in de bijzin) naar een actie verwijst dat al heeft plaatsgevonden

Hieronde kun je leren over de omstandigheden die vragen om de voltooid tegenwoordige tijd conjunctief samen met een paar voorbeelden.

Waarom conjunctief?

Voorbeeld

Uiting van twijfel.

Dudo que haya venido.
(Ik betwijfel dat hij gekomen is.)

Mogelijke niet-realiteit.

Busco un libro que haya tenido buenas críticas.
(Ik ben op zoek naar een boek dat goede recensies heeft gekregen.)

Uiting van emotie.

Me sorpende que hayas ido a Perú.
(Ik ben verrast dat je naar Peru bent gegaan.)

Uiting van een wens.

Espero que hayas comido.
(Ik hoop dat je hebt gegeten.)

Ontkenning.

No es verdad que hayan dicho esto.
(Het is niet waar dat ze dat gezegt hebben.)